vrijdag 5 februari 2010

Als 't dat maar is!







“Elk kent zijne zot.” hoorde ik vrouwmensen zeggen toen ik nog bitter jong was. Dat was het antwoord op nagenoeg elk ongenoegen over hun 'halve trouwboek'. Een uitdrukking die me toen van ontzettend weinig respect leek te getuigen.

Je komt er wat mee tegen, met de mansmens die er om een of andere bizarre reden in geslaagd is om je aan zijn kant te laten staan. Zelfs evenveel als hij met jou zou 'k durven stellen. En soms komt er een ander exemplaar voorbij dartelen en word je heel even nieuwsgierig, krijg je heel leven 't zot gedacht dat 't met hem best wel leuk zou kunnen zijn. 't Is waarschijnlijk zelfs waar.
Maar ik heb 't g'had! 't Hoeft voor mij niet meer. 'k Wil niet meer proeven van de compagnie van al die anderen die héél ... misschien ... leuk ... zou ... kunnen ... zijn. Straffer nog! 'k Wil al geruime tijd niet meer proeven. Maar nu wil ik zelfs niet meer dagdromen over de compagnie van al die ...

't Is ondertussen flink wat tijd geworden, dat tijdje dat we alweer aan elkaar zijn blijven plakken. Het vertrouwen begint weer langzaam maar zeker te vergroten. En zo komt 't ook, dat jij je weer aan mij durft te vertonen met een paar glazen op. Zodat jij die gedachtekronkels die je zelf vreemd vindt, weer één voor één voor mijn voeten durft werpen.
Zo is het altijd geweest. Je vertelde me meer dan aan eender wie. Je vertelde me ook meer dan eender wie me ooit vertelde. En als je gedronken had, nóg meer ineens. Vroeger vond ik dat soms lastig. Nu nog altijd. Je bent vermoeiend dan. Misschien zelfs zo vermoeiend als ik altijd ben.
En dan komt er een ander exemplaar van jouw geslacht voorbij gedarteld. En dan vraag ik me heel even af of ... Maar ik maak de zin niet eens meer af. Want mensenlief ...
“Elk kent zijne zot.” is gewoon een andere manier om te spreken over 'de mantel der liefde' waarmee een vrouw de vreemde maar zo vertrouwde stukjes maar al te graag bedekt. Al zeker als ze even achterom kijkt en denkt:”Als 't dat maar is!”.


dinsdag 29 december 2009

stokvier


Een oud metalen vat in de tuin. Patattenkruid, papier, ... Neen, dat was het. Papier en patattenkruid. Dat verbrandden we.


Tegenwoordige tijd.
Jij schijt mij uit en ik koop een vuurkorfje.
Jij, grootmoe. Neen, dat klinkt ongepast.
Jij, moeder van mijn moeder. Ongepast.
Vrouw die mijn moeder baarde.
Wezen dat mijn moeder baarde?


Terug naar de tijd van de grote plastieken wigwam. Een 'tipi' noemde jij dat. 'Pipi' klinkt leuk, maar 'tipi' onnozel. Onnozel en ongepast voor de grote, sterke Indianentent die onze pit voor me gemaakt had.
Terug naar de tijd dat ik nog niet wist hoe mooi de wereld is en hoe lelijk de bril die jij me hebt opgezet.
Terug stokvier maken.


Terug naar de tijd dat mensen ofwel goed- ofwel slechtgezind waren.
Jij was slechtgezind. Hij was goedgezind. Wij maakten stokvier.



'Stokvier'

...

Dat komt van 'stookvuur'.


Pattenkruid heb ik niet.
Papier wel.
En een echte kerstboom van vorig jaar.


zondag 30 augustus 2009

onbestemd




'k Ben niet in 't deurgat blijven staan toen het achter de rug was.
De sleutel heb ik in 't kommetje gelegd dat je vriendin voor me meebracht van reis.
Toen ik terug in de gang zette wat in de weg stond voor de verhuis, neuriede ik spontaan een wijsje. Het muziekje dat mijn knuffel maakte die ik kreeg toen ik een jaar of vijf was. Het Wiegelied van Brahms. Ons geheugen lijkt soms een eigen leven te leiden.





Vandaag was ze er dus al. De grote "Voor wie of voor wat?"-vraag.
Alles moet een nieuwe bestemming krijgen.
Niet enkel lege plekken in kasten en kamers. Ook handelingen en minuten. Misschien vooral minuten. De lastige minuten. De minuten die wegen door hun leegte en tot voor kort perfect gevuld konden worden met een handeling waar jij nog wat aan kon hebben.
't Lijkt wel of de automatische piloot kapot is en ik terug zelf moet vliegen, maar niet goed meer weet hoe dat ook alweer moest.

Misschien moet ik maar flink zijn om ervoor te zorgen dat je geen schuldgevoel krijgt.
Want wat gebeurd is, is wat we hadden afgesproken in februari vorig jaar. We wilden elkaar de mogelijkheid geven om terug een leven te leiden dat voldoening geeft, om terug te kunnen graag zien zoals we dat graag willen en allebei vinden dat 't goed is. Daar sta ik nog altijd achter.

't Doet alleen zo vreemd. Alleen in het huis dat we samen hadden gekozen.
Ik hou van dit huis. Ik vind het mooi. 'k Heb er altijd naar uitgekeken om in een oud herenhuis te wonen.
Maar we hadden samen gekozen wat de bestemming van de kamers zou zijn.
Die veranderde ondertussen. Maar het diende ons nog altijd alle twee.
Jij komt nu hier niet meer thuis, maar in een appartement hier ver vandaan, twee hoog, met een grote veranda, omgeven door rust.
Geen sleutel meer horen in 't sleutelgat.
En als ik hier zelf toe zal komen, zal de deur altijd op dubbel slot zitten.

Ik was het laatste beetje kleren dat hier nog van jou ligt.
'k Vond nog een koe-spons in de badkamer.
En boven op jouw kamer hangt het polshorloge van wijlen je grootvader nog aan de muur.

Ik zat daar gisteren, in 't midden op 't vast tapijt, terwijl de poezen eens overal mochten snuffelen.
Puddy maakte gretig gebruik van de zee van ruimte om achter Nono aan te zitten.
De lichtinval en de hoogte geven haar iets voornaam, die kamer.
"Zou ik hiervan nu mijn werkkamer maken?" vroeg ik me af.
'k Ging daar staan waar vroeger vroeger jouw bureaustoel stond. Vroeger, toen we hier nog allebei ons bureau hadden staan.
Daarna ging ik staan waar mijn stoel toen stond. Dat leek beter. Langs deze kant zitten de stopcontacten en heb ik zicht op de trappenhal. En ginder, de andere kant, dat was jouw plek.





Ja maatje ...
Je hebt me vaak geërgerd. Met je weifelende aanpak soms en de onbeholpen indruk die je me geregeld gaf.
Maar je moest eens weten hoe onbeholpen ik hier nu halt houd op plekken in huis waar ik vroeger zelfs geen seconde stil stond. En hoe weifelend ik kijk naar morgen. Wat zeg ik morgen? Naar zo meteen, als dit gezegd is en ik maar eens verder moet.


dinsdag 25 augustus 2009

typisch augustus-fenomeen



Had nét een A5 schets- en/of notitieboek gekocht en een nieuwe vulling voor mijn favoriete pen.






Met veel, lange, blonde krullen,
stevige, lange, gebruinde benen, waar het gaafste alvast vanaf was,
in die kaki short, die tussen haar billen was gekropen,
op hoge sandalen met kurken plateau-zooltje,
met twee kleine kinderen bij zich,
zag ze eruit als een typisch augustus-fenomeen.


maandag 24 augustus 2009

"Hebt gij dat nu ook?



Dat ge elke keer dat wij met elkaar gesproken hebben, toch zooo slécht in uw vel zit?
Deze keer heb ik - na drie uur met u aan de telefoon - zodanig barstende koppijn, dat ik van armoei een paar uur op de zetel zal mogen liggen. " zou een mens kunnen zeggen.

zondag 23 augustus 2009

Ik heb ze nog allemaal op een rij!



Het internet-signaal komt hier uit een stopcontact van 't elektriciteitsnet.
Veranderingen zorgen er voor dat ik soms letterlijk, héél even geen voet meer vooruit of achteruit durf te zetten.
Hetgeen waar ik momenteel 'iets' aan heb, is opruimen, orde. Neen sterker nog, ik kijk uit naar échte netheid.

Maar

Union Match
Milky Way
Coca Cola
Belga
Bastos
Groene Michel
Johnson zonder filter
Dauwe Egberts
Miko
Nequick
Vitabis
Sunlight
Lux
Fa
Nivea
Opel
Mercedes
Volvo
Citroën
Rezi
Nezo
Tienen
Candico
Bik
Conté
Parker
Waterman
Pelikan
Bernina
Singer
Black & Decker
Bosch
Nestor Martin
Petrole Hahn
Devos Lemmens
Quality Street
Bonbon Napoleon
Pim's Cakes
Suzy wafels
Chappi
Frolic
Vim
Cif
Chemico
De Blauwe Hand
Javel Lacroix
Heinz Ketchup
Inex
Per
Dreft
Ariel
Dash
Dobbelman
Coral
Fanta
Sunkist
Substral
Rimmel
Chiquita
Tabac
Mennen
grijze notitieboeken met linnen kaft en pagina's die rood zijn van opzij bekeken
Philips
Varta
en Cote D'or bestaan nog.

Er zijn nog zekerheden ...

woensdag 19 augustus 2009

10 days before liftoff



10 ... 9 ... 8 ...
Enfin ... 10 days before liftoff.

Als we beginnen tellen vanaf 't jaar dat die 'andere ramp' gebeurd is - zoals jij 't wel eens schertsend schetst - dan zijn we 8 jaar verder.
Was het de schoonste periode uit mijn leven? Helaas(?) niet.
Het was zoeken, heel veel zoeken. Leren ook hoe je dat het beste kan doen, dat zoeken. Als je de ware toedracht achter 'de dingen die twee mensen met elkaar bezighouden' vinden wil.

We hebben vorig jaar februari al een soort afscheid genomen. De verhoudingen werden bijgesteld. Ten goede. Zoveel is zeker. Zo voelt het alleszins.
In de tijd die gevolgd is, hebben we nog veel gezegd.

En nu?
Ik denk dat nu de tijd gekomen is om het allemaal tegen iemand anders te zeggen.
Zo is het goed.
En toch ...
Toch voelt het ook vreemd.
Het is geen einde.
Maar het lijkt er zo sterk op.