woensdag 24 november 2010

Hellehonden bijten niet.

't Is een genieuze uitvinding. De Hel, Onderwereld of hoe ge 't ook wilt noemen. Zolang het maar staat voor een plek waar misérie en pijn wacht en waar ge enkel in terecht kunt komen door uw eigen toedoen. 't Is te zeggen, ge geraakt daar door onrechtvaardig gedrag.
Ge moet niet religieus ingesteld zijn om in de Hel te kunnen geraken. Als ge wel religieus zijt, dan krijgt ge respijt tot ge doodgaat en zit ge daar nadien voor altijd. Als ge niet religieus zijt, kunt ge direct vertrekken en ge kunt dan eventjes blijven of tot ge sterft. Maar ge kunt er dus wel altijd geraken.
Tuurlijk ja, als ge religieus zijt en weet dat ge in de Hel zult belanden bij uw dood, dan zit ge er eigenlijk nu al in. En ja, als ge niet religieus zijt en ge zit daar tot ge sterft, dan zit ge daar dus eigenlijk ook voor altijd.
Maar wat ik eigenlijk wou zeggen: een ingenieuze uitvinding dus.

De Hel is een uitstekend instrument om mensen onder de duim te houden, of ze nu gelovig zijn of niet. Zolang ze weergeeft dat mensen hun persoonlijk gedrag de oorzaak is van het slecht gevoel over zichzelf, wordt het beoogde doel bereikt.
Zorg er dus voor dat mensen zich schuldig kunnen voelen en ge hebt ze onder controle. Als ze iets doen waarover ze effectief schuld voelen, installeert zich een organisme in de ziel dat traag knabbelend rondkruipt en elke positieve indruk over het zelf weg eet. De enige manier om dat organisme uit uw lijf en leden te krijgen, is door uw leven te beteren - lees: gedrag vertonen dat geen schuldgevoel bezorgt, m.a.w. gedrag waarvan men zelf niet kan aannemen dat de omgeving het terecht afkeurt.
'Waarvan men zelf niet kan aannemen' is een belangrijk, neen zelfs noodzakelijk onderdeel. Het zélf geloven dat men een fout maakt, is essentieel om een schuldgevoel opgezadeld te kunnen krijgen. 't Is toch daarom dat psychopaten zo oncontroleerbaar zijn? Zij zien hun gedragingen die de maatschappij veroordeelt niet als verkeerd, voelen geen schuld en zijn bijgevolg van daar uit niet gemotiveerd om hun gang en wandel aan te passen. Enkel wat het bereiken van hun doel rechtstreeks in gevaar brengt, kan hen beïnvloeden.

En waarom werkt zo'n schuldgevoel nu zo goed? Waarom vreet het elke positieve indruk over uzelf weg? Het wordt gedragen door het systeem van wederkerigheid. Bij mezelf werkt 't ongeveer zo.
Ik heb geregeld behoefte aan eiland-cultus. 'k Kom betrekkelijk sociaal over, op 't eerste gezicht. Maar wie me langer kent, weet dat ik op zeker ogenblik de grote verdwijntruc toepas.
Moest ik mijn zin doen, dan zou ik te pas en te onpas op mijn eiland zitten. Maar de schuldgevoelens die ik uit 't verleden ken, weerhouden mij daar nog vaak van. Dus bleef ik vaak beschikbaar op momenten dat ik het eigenlijk niet echt meer was. Ik bleef 'schijnbaar' beschikbaar. Op die manier trachtte ik te verstoppen dat ik mijn sociaal betrokken deel nog maar eens kwijt was.
Het masker dat ik op zulke momenten draag, is vanbinnen bekleed met grof schuurpapier. Elke keer dat ik dat mombakkes opzet, verlies ik mijn gezicht, want ik word gekwetst én kom niet eens overtuigend over. Maar ik blijf het gebruiken. Want onbeschikbaar zijn is fout, zo is al meermaals gebleken. Mensen moeten op je kunnen rekenen. Er nu en dan zijn, is niet genoeg. Mensen willen zekerheid. Mensen hebben hun doelen en willen die het liefste langs de kortste weg bereiken.
Zoals iedereen, heb ook ik contact met de buitenwereld nodig om te leven. Wie alleen de verantwoordelijkheid voor zichzelf (of voor zichzelf en min. één kind) draagt, moet er zelf voor zorgen dat die buitenwereld zijn banden met hem of haar niet doorknipt. Alleenstaanden zijn niet voor niks doorgaans sociaal actiever dan mensen in een vaste relatie. Je moét het masker op. Niemand anders zal de mazen in jouw (vang)net repareren. Je wringt dat nepgezicht in de plooi en blijft bezig.
Tot er iemand op 't toneel verschijnt die je nagenoeg permanent in de gaten houdt en je er bovendien ook nog van weet te overtuigen dat wie je bent van tel is en niet wat je doet.

Je neemt plaats voor de spiegel. Het is maanden, misschien zelfs jaren geleden dat je het masker nog hebt afgezet. De ogenblikken dat je 't niet nodig had, waren te kort, de moeite niet. Je bent de confrontatie met jouw zelfbeeld uit de weg gegaan.
"Ah, kijk. Ik heb geen tanden meer. Mmm … Klopt. 'k Heb ze stukgebeten op de stenen die ik wilde vreten. 'k Heb geen wenkbrauwen meer. 'k Kan niet naar buiten want ik kan de regen niet uit mijn ogen houden. Maar hoera! De puisten die 'k wilde verbergen, zijn met vel en al verwijderd!!"

Ik heb gedaan om goed te doen. Ik deed wat ik wist dat 't van mijn verwacht wordt. Bang voor de schuld die ik zou toegewezen krijgen. Vol van besef dat minder niet kon.
Ik leed gezichtsverlies.
De kloven groeien stilaan dicht.
Nu staat mijn toot vol korsten.
Als je mij tegenkomt, laat me dan passeren. En onderdruk misschien je lach tot ik weer lang voorbij ben. Anders zout ge u achteraf schuldig kunnen voelen.
Tenzij je een van mijn hellehonden bent. Een lafaard die gromt en blaft, maar niet bijt omdat 't zogezegd maar om te verwittigen is.
En dan nog. Zet u liever voor de spiegel.
Of hebt ge al lang geen ogen meer?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen